2 — Inleidende bepalingen

Artikel 2 — De wedstrijdborden

Een wedstrijdbord is ter beschikking voor elk spel dat gedurende een zitting moet worden gespeeld. Ieder bord is genummerd en bevat vier vakken voor het opbergen van de vier handen, aangeduid met noord, oost, zuid en west. De gever en de kwetsbaarheid zijn als volgt vastgesteld:

Een wedstrijdbord is ter beschikking voor elk spel dat gedurende een zitting moet worden gespeeld. Ieder bord is genummerd en bevat vier vakken voor het opbergen van de vier handen, aangeduid met noord, oost, zuid en west. De gever en de kwetsbaarheid zijn als volgt vastgesteld:

Gever / KwetsbaarheidBorden
Noord gever1, 5, 9, 13
Oost gever2, 6, 10, 14
Zuid gever3, 7, 11, 15
West gever4, 8, 12, 16
Niemand kwetsbaar1, 8, 11, 14
Noord-zuid kwetsbaar2, 5, 12, 15
Oost-west kwetsbaar3, 6, 9, 16
Allen kwetsbaar4, 7, 10, 13

Dezelfde volgorde geldt voor de borden 17-32 en voor elke volgende groep van zestien borden. Een bord dat niet aan deze voorwaarden voldoet, behoort niet te worden gebruikt. Wordt een dergelijk bord toch gebruikt, dan gelden de aanduidingen op dit bord voor de betreffende zitting.